Toespraak bijeenkomst Stolpersteine 17 juni 2026

Klik hier naar het verslag over 17 juni 2026

Toespraak Pieter Schrijnen, ter gelegenheid van de Stolpersteine op 17 juni 2026 in Leiden

 

Goedemiddag, Vandaag komen wij hier samen om dertien Stolpersteine te plaatsen bij het Joods Weeshuis, Machseh Lajesoumim.

Mijn naam is Pieter Schrijnen. Ik sta hier namens de Werkgroep die het plaatsen van de Stolpersteine in Leiden organiseert. Ik spreek u kort toe. Dan lopen we samen naar het weeshuis. Dat is zo’n tien minuten hier vandaan. En vervolgens plaatsen we 13 stenen voor de kinderen en hun begeleiders die de oorlog niet mochten overleven. De stratenmakers Wout en Henny hebben de plaatsing al goed voorbereid. Dank voor de gastvrijheid van de Lorentzschool.

Vier van deze stenen zijn voor het gezin Italie-Cohen. Vader en moeder voerden de directie over het weeshuis. Zij woonden met hun twee kinderen in het tehuis.

Welkom aan de familieleden die dit samen met ons willen doen. Voor sommigen van de kinderen is het ons niet gelukt nog verwanten te vinden. De oorlog heeft zoveel schade aangericht.

We plaatsen vandaag struikelstenen voor Fanny Susanne en Lothar Günsberg, voor Maurits en Simon Hakker, voor Enny, Judith en David Hamerslag, voor Etty Heerma van Voss, voor Emannuel Victor Heumann, voor Nathan Italie en Elisabeth Italie-Cohen en hun kinderen Hanna Sara en Elchanan Tsewie. De stenen laten ons telkens struikelen over wat hier in deze stad met deze kinderen en met hun begeleiders is gebeurd. We struikelen over het lot dat Joodse mensen hebben ondergaan. We struikelen over het antisemitisme.

We doen dat voor de bewoners van het weeshuis, maar ook voor ons zelf: hoe is het mogelijk geweest dat midden in een ogenschijnlijk beschaafde samenleving zulke wreedheden zijn begaan, ten opzichte van een kleine groep? Hoe kan het dat een minderheid zo gediscrimineerd is? Hoe kan het dat de menselijkheid van de ander zo ontkend is? Kunnen we van dit verleden leren, kunnen we dit verleden onder ogen zien en in ons eigen leven juist zoeken naar medemenselijkheid, naar het respecteren van de ander hoe anders die misschien ook is?

Dat is een pijnlijke zoektocht. Abraham Soetendorp, die lang rabbijn was van de Joodse gemeente in Den Haag, formuleert het zo: ‘We zien om ons heen een wereld vol scherven. Soms lijken ze scherp, pijnlijk en onsamenhangend. Toch geloof ik dat juist in die scherven de mogelijkheid ligt tot herstel. Elke scherf draagt een herinnering, een verhaal. En wanneer we ze samen oprapen vindt er heling plaats en wordt ruimte vrijgemaakt voor hoopvolle menselijkheid.’

Daarom vertellen we vandaag het verhaal van Fanny en Lothar, van Maurits en Simon, van Enny, Judith en David, van Etty, van Emannuel en van Nathan, Lies, Hanna en Elchanan. We noemen hun namen en laten iets van hun leven zien. Van de hoop die ze hadden, van hun aspiraties. En van hun pijn.

Fanny en Lothar kwamen uit Gelsenkirchen. Ze werden slechts 16 en 14 jaar oud. Maurits en Simon kwamen uit Den Haag. Ze werden 14 en 10 jaar oud. Enny, Judith en David zijn geboren in Amsterdam. Ze werden 7, 5 en 3 jaar oud. Etty, ook uit Amsterdam, werd 11 jaar oud. Emannuel uit Sittard, 10 jaar oud. Nathan kwam uit Leeuwarden, 52 jaar oud. Zijn vrouw Lies kwam uit Leiden, 41 jaar oud. Hun kinderen Hanna en Elchanen zijn hier in Leiden geboren. Ze werden 7 en 6 jaar oud.

Dit zou een korte biografie van hun leven kunnen zijn. Maar vandaag vertellen we ook over hun hoop en hun aspiraties. De foto’s uit de goede jaren van het weeshuis laten veel blije gezichten zien. Het weeshuis heette Machseh Lajesoumim – Toevlucht voor het Kind. Dit was een tijd lang ook echt een veilige, vrolijke plek voor kinderen en hun begeleiders. Zij woonden hier, hadden hun vriendjes en vriendinnetjes, speelden buiten en op zaal, ook met de kinderen uit de straat. Ze kregen een Joodse opvoeding. Samen gingen ze naar de synagoge. En, toen de openbare school voor hen gesloten werd gingen ze samen naar de Joodse school.

Nathan en Lies Italie hebben de kinderen zolang ze dat konden een veilig thuis gegeven. De kinderen voelden zich hier ook deel van een mooie familie. Ze werden gestimuleerd om een opleiding te doen, om elk op hun eigen manier de wereld in te gaan. Wie goed kon tekenen kreeg potloden en penselen. De kinderen konden voetballen, of schaatsen op de singel. Ze konden naar de bioscoop of naar een museum. Dit huis straalde een moderne, vrije geest uit.

Laten we die vrijheid koesteren. Laten we respect hebben voor elkaar, ook voor mensen die misschien iets anders geloven dan wij, voor mensen met een andere achtergrond, geloof of huidskleur. Volgens Abraham Soetendorp begint respect niet met regels, maar met luisteren. Laten we vandaag luisteren naar deze kinderen en hun begeleiders. En laten we deze mensen met eerbied gedenken. Dank u wel.

 

Pieter Schrijnen